Vrijdag de 13e

Nee, ik ben absoluut niet gevoelig voor de negatieve ‘flow’ die over een datum hangt. Vrijdag de 13e is voor mij hetzelfde als een woensdag de 21e of maandag de 3e. Gewoon een dag als elke andere.

Vrijdag 13eVandaag is het vrijdag. Dat betekent dat ik, terwijl mijn jongens op school zijn, naar mijn werk ga. A normal day at the office. Of eigenlijk; een halve dag. Om twaalf uur ruim ik mijn bureau weer helemaal leeg, zodat ik om half één op het schoolplein sta om Sam op te halen. Zoals op de meeste vrijdagen, neem ik nog wat werk mee naar huis, in de hoop dat ik tijdens een rustig moment nog snel de laatste zaken kan afronden. En zo ook vandaag. Met mijn laptop in mijn tas en schrijfblok onder de arm, stap ik in de auto op weg naar huis.

Thuis parkeer ik mijn auto en ga ik te voet verder. Ik ben net op tijd op het schoolplein, als de kleuters het gebouw verlaten. Sam komt lachend naar buiten, vergezeld door een klasgenootje. Beide heren willen graag samen spelen deze middag. De moeder van het vriendje neemt mijn kleine man mee en dat geeft mij de ruimte om het meegenomen werk af te ronden.

Om drie uur loop ik samen met Victor en Hugo de bibliotheek binnen. Zoals elke vier weken, wisselen wij onze boeken om voor nieuw leesvoer. Daarna halen we Sam op. Hij speelt gezellig met zijn vriendje in de speeltuin en tuimelt aan de rekstok. Na het afscheid rijden we terug naar huis. Thuis drinken we samen iets in de tuin en vervolgens haal ik onze boodschappen op bij de Jumbo (ik ben te lui om zelf boodschappen te doen, dus maak ik al maanden gebruik van de pick-up). Na het eten breng ik Hugo naar de voetbalclub, want dit weekend hebben ze voetbal-kamp en daarna plof ik op de bank.

Het klinkt als een dag als ieder andere…… maar vrijdag de 13e heeft mij toch gevonden.

  • Om kwart over acht ben ik klaar voor de dag. Als ik de woonkamer uit wil lopen, zie ik de broodtrommel van Victor nog op tafel staan.
  • Om half tien ben ik aan mijn tweede kopje koffie toe. Op kantoor gaat het brandalarm af; waardoor wij allemaal met haastige spoed het pand verlaten.
  • Om twaalf uur stap ik in mijn auto en er knipperen allerlei oranje lampjes op mijn dashboard, waarmee de board-computer mij aan wilt geven dat de bandenspanning op de voorste twee banden te laag is.
  • Om kwart over twaalf loop ik – iets te snel – naar school en voel een blaar op mijn voet groeien.
  • Om kwart voor één –  we gaan lunchen – blijkt het brood én de crackers op te zijn (en het fruit en zelfs de yoghurt).
  • Om kwart over één zie ik dat Victor zijn telefoon thuis heeft laten liggen.
  • Om half twee blijken mijn aantekeningen nog op kantoor te liggen.
  • Om drie uur brengen we de boeken terug naar de bibliotheek en blijken we een week te laat te zijn.
  • Om half vier zie ik Sam van de rekstok af tuimelen en landen in de vreemde scorpion-houding. rediculousness(voor diegene die nooit ridiculousness gezien hebben, hiernaast een afbeelding).
  • Om vier uur wordt Sam steeds stiller en bleker.
  • Om kwart over vier zitten we bij de huisarts en krijg ik het advies hem de komende uren goed in de gaten te houden.
  • Om vijf uur haal ik de boodschappen op en blijkt het pick-up systeem defect te zijn.
  • Om kwart over vijf ben ik thuis en ontdek ik dat een deel van de boodschappen nog in de winkel staat.
  • Om zeven uur pomp ik het luchtbed van Hugo op en deze blijkt zo lek is als een zeef te zijn.
  • Om half acht kruip ik onder het schot op zolder (opzoek naar een ander luchtbed) en stoot daarbij mijn elleboog zo hard dat ik het nu nog voel.
  • Om half negen schrijf ik deze tekst, die ik 6 keer moet aanpassen vanwege de vele typefouten.

Gelukkig geloof ik niet in vrijdag de 13e, maar vandaag was toch wel een behoorlijke pech-dag.

Advertenties

Een positief bericht

Het hoeft natuurlijk niet altijd een klaagzang te worden als ik een nieuwe blog schrijf. Blijven hangen in het verleden is niet aan mij besteed. Ik kijk graag vooruit. Maar om te zien waar je naartoe gaat, moet je ook zo nu en dan even stilstaan en kijken naar het moment. Op dit moment staan we er goed voor.

pinky-swear-329329_960_720De begeleiding van onze oudste zoon is weer gestart en het is duidelijk merkbaar. Hij zit weer iets beter in zijn vel en zijn tolerantie-level is weer normaal. Hij oefent twee keer per week met zijn begeleider aan planning, structuur, omgang met anderen en emoties. Sommige onderdelen blijven moeilijk (en eerlijk gezegd, zal dat ook niet echt makkelijk worden) maar alleen al het feit dat hij het probeert is een compliment waard.
Ook op school doet hij het goed. Hij heeft inmiddels zijn draai gevonden en nieuwe vrienden gemaakt. Waar zijn punten in het begin nog wat mager waren, komt hij nu met de ene 8 na de andere thuis. Geweldig om te zien hoe hij dit allemaal oppakt en ook echt zijn best voor doet.

Onze andere kerel zit ook veel beter in zijn vel. Ook hij heeft flinke sprongen gemaakt. Met een oudere broer die wat beter in de omgang is, verandert de sfeer in huis duidelijk. Hierdoor krijgt hij meer ruimte voor zichzelf en durft hij zich beter te laten zien (en horen). Hij heeft een aantal geweldige vrienden gemaakt en gaat met plezier naar school en de sportclub.

De kleinste – onze donderstraal – voelt zich ook helemaal in zijn element. Sinds januari blijft hij tussen de middag op school over en dat geeft hem een enorme ‘boost’  in zijn zelfvertrouwen. Hij durft meer voor zichzelf op te komen en is minder afhankelijk van mij. Ook hij heeft een leuk vriendenclubje om zich heen verzameld.

Het is zo fijn om te zien dat je kinderen op de goede weg zijn. Ze worden steeds zelfstandiger, groter en meer zichzelf. En terwijl ik dit schrijf, voel ik de trots door mijn lichaam trekken. Trots op mijn kinderen; trots dat ze dit bereikt hebben, trots dat ze hun weg gevonden hebben, trots dat ze voor zichzelf op durven komen, trots dat ze vrienden gemaakt hebben, trots op de manier hoe ze zich door alles heengeslagen hebben.

Beter lief en verlegen, dan opstandig en dwars

Mijn jongste is een erg gevoelig mannetje en al snel onder de indruk van stem verhef, afwijzing en een negatieve sfeer. Met een grotere broer die totaal niets voelt van sfeer, geen last heeft van stem verhef en niet onder de indruk is van afwijzingen, is het dan ook best lastig leven. Nu slaat mijn jongste zich daar best goed doorheen en kan hij zijn grote broer redelijk goed de baas. De jongste heeft (nog steeds) iets liefs, schattigs en onschuldigs en dat weerhoudt de oudste van zijn gebruikelijke weerwoorden of vechtpartijen. Thuis durft de jongste voor zichzelf op te komen en laat hij het kaas niet van zijn brood eten. Thuis durft hij zichzelf te zijn, maar buitenshuis….

Sam is inmiddels 5 jaar en gaat dus al geruime tijd naar school. In de kleuterklas is hij een stil en teruggetrokken jongetje, dat verlegen in de kring zit. Klasgenoten spelen graag met hem en hij heeft veel vriendjes. Tenminste, dat zeggen de andere kinderen. Sam zelf zegt dat hij geen vrienden heeft. Hij vindt het niet leuk om met anderen te spelen, omdat ze altijd zeggen wat hij moet doen (zegt hij).

Mijn zoontje is gewoon heel lief en verlegen. Waar veel kinderen zeggen: “Juf, ik moet plassen” en nog voordat ze de zin uitgesproken hebben, staan ze al bij de deur richting het toilet, vraagt mijn kind: “Juf…… (het liefst wacht hij nu op de eerste bevestiging), mag ik plassen?” Vervolgens wacht hij braaf op een antwoord. En natuurlijk mag hij dan naar het toilet. Nu wilde zijn juf laatst testen wat zijn reactie zou zijn als ze eens ‘nee’ zou zeggen. Sam keek haar met een pruillip aan en liep teleurgesteld terug naar zijn plekje in de klas. Hij is niet gaan plassen en heeft het ook niet meer gevraagd. Die dag niet, maar ook de daarop volgende dagen niet meer. Met als gevolg dat er “Mam, ik moet heel, heel erg plassen” klinkt als we door het park terug naar huis wandelen (en we dus een boompje moeten zoeken, want het toilet halen we echt niet meer).

school-0310_0Een paar weken geleden kwamen we net iets te laat aan op school. De deur van zijn klas was al gesloten en ik gaf hem snel een laatste kus, voordat hij naar binnen wandelde. De juf maakte het grapje: “Je bent te laat. Je mag niet naar binnen” waarna Sam huilend terug de gang op rende. Zo in mijn armen. Er waren voldoende klasgenoten die de juf aanspraken op haar flauwe grap, terwijl ik mijn mannetje troostte en probeerde uit te leggen dat het een grapje was. “De juf ís niet grappig,” mokte hij boos.

Vanochtend nam hij een tekening mee voor de juf. Sam weet dat de juf heel bang is voor poezen en dus tekende hij gisteren twee poezen voor de juf. Niet direct om haar te plagen, maar om haar te laten zien dat ze echt wel schattig zijn. Tijdens de middagpauze rende hij naar mij toe. Aan zijn gezicht was direct te zien dat er iets aan de hand was. In zijn handjes hield hij de poezentekening. “De juf wil de tekening niet,” zei hij en direct kwamen de tranen.

Wat door de juf als een grapje bedoelt is en wellicht een poging om zijn weerbaarheid te verhogen, resulteert in een diep bedroeft kind dat uren lang van slag is. Ik ken de juf al iets langer en weet dat zij dit super grappig en totaal niet serieus brengt, maar mijn zoon pikt het zo niet op. Hij hoort alleen de afwijzing, hij voelt alleen de teleurstelling.

Ik ben heel trots op Sam. Persoonlijk heb ik liever een leuk, lief en ietwat verlegen kind, dan een brutale en overheersende kleuter. Waarom willen wij zo graag dat alle kinderen hetzelfde zijn? Waarom moeten kleuters al mondig zijn, hun mannetje kunnen staan en zich durven te verweren? Is het zo verkeerd dat mijn kind iets vraagt in plaats van mededeelt? Is het zo vreemd dat hij wacht op een antwoord? Mijn zoontje voelt zich duidelijk (nog) niet veilig op school. De veilige, vertrouwde omgeving van thuis, waar hij weet dat er naar hem geluisterd wordt en waar ook echt iets met zijn mening gedaan wordt, heeft hij nog niet teruggevonden op school. Maar om te ‘passen’ in onze vreemde maatschappij, zal hij het lieve karakter moeten inruilen voor brutaal, eigenwijs en opstandig, want dat is – blijkbaar – wat er tegenwoordig van onze kleuters wordt verwacht.

Ken je dat gevoel

Ken je dat gevoel? Als je peuter zijn armpjes om je heen slaat en ‘mama, hou jou‘ in je oor fluister. Je vast houdt met alle liefde die hij in zijn kleine lichaam heeft. Alsof jij het aller belangrijkste bent op de hele wereld. Alsof niets of niemand liever is dan jij. Dat hij zich nergens veiliger en meer geborgen voelt dan bij jou in jouw armen. En hij niets liever wil dan eindeloos zo te blijven hangen. Op die momenten ben jij de liefste, beste, leukste, fantastische  moeder van het hele heelal. Zonder te oordelen, zonder te twijfelen aan welke beslissingen jij ook maar genomen hebt. Jij bent zijn moeder. Op zo’n moment smelt je hart en weet je weer waar je het allemaal voor doet. Je vergeet spontaan alle gebroken nachten, alle zorgen en alle twijfels. Alle ergerlijke en vervelende gebeurtenissen verdwijnen en elk ongehoorzaam moment is direct vergeven. Deze onvoorwaardelijke liefde is waar je het als moeder allemaal voor doet. Ken je dat gevoel?

ik-hou-van-jouKen je dat gevoel? Dat je kind uit school komt met een tekening voor jou. Hij heeft de tijd genomen om speciaal voor jou zijn fantasie op papier te zetten. Ondanks dat er zo veel klasgenoten zijn, die graag met hem zouden willen spelen, heeft hij een moment van rust genomen en aan jou gedacht. Speciaal iets voor jou gemaakt en iedereen mocht het zien. Kleurrijke strepen vullen het witte papier, die hij waarschijnlijk getekend heeft met zijn tong half uit zijn mond. In opperste concentratie, omdat het perfect moest zijn. Hij heeft de tekening vervolgens keurig bewaard en terwijl hij de school verlaat doet hij zich heel veel moeite om het blad niet te kreukelen. En als hij ‘mama, deze heb ik voor jou gemaakt‘ zegt, voel je je bijzonder en speciaal. Thuis plak je de tekening op de koelkastdeur en telkens als je er naar kijkt, word je weer herinnert aan zijn gezichtje dat vol trots en liefde zijn kunstwerkje aan jou overhandigde. En wederom worden alle nare gebeurtenissen uit je geheugen gewist, want dit kleine gebaar is waar jij het als moeder allemaal voor doet. Ken je dat gevoel?

Ken je dat gevoel? Als je twee dagen niet thuis bent geweest en je de sleutel in het slot stopt. Dat moment dat je thuis komt en je kind naar je toe komt rennen met zijn armen wijd open om je zo snel mogelijk te vangen. Als hij in je armen springt en je knuffel, je vertelt hoezeer hij jou gemist heeft en hoe fijn hij het vindt dat je er bent. Als hij de rest van de dag heel dicht bij jou wil zijn om alles te vertellen dat hij – tijdens jou afwezigheid – heeft gedaan, beleeft en meegemaakt. Dat hij op je schoot klimt om samen een boekje te lezen of tegen je aanligt om samen een film te kijken. Hij komt je helpen in de keuken en zegt wel honderd keer ‘mama, ik heb je gemist‘. Dat je kind jou het gevoel geeft dat jij zijn wereld bent en dat zijn leven zonder jou gewoon ophoudt. Als jou kind je dat gevoel kan geven, dat is toch waar je het als moeder allemaal voor doet. Ken je dat gevoel?

Ken je dat gevoel? O, wat zou ik dan graag, gewoon voor één keer, in je schoenen willen staan. De onvoorwaardelijke liefde willen voelen, die moeder-kind-super-band voor één keer willen ervaren. Mijn zoon slaat zeker zijn armen wel eens om mij heen. Vanuit een bepaalde verplichte modus komt hij zo nu en dan voor mij staan en slaat hij zijn armen om mij heen. De woorden ‘ik hou van jou‘ komen uit zijn mond, maar het gevoel is nergens. Geen intens gevoel van geborgenheid, geen liefde. Hij mist mij niet als ik er niet ben, heeft mij niet nodig als ik er wel ben. In zijn ogen (en dit klinkt wellicht hard, maar hij heeft het zelf gezegd) ben ik diegene die zorgt voor het huishouden. Ik zorg voor schone kleding en voor een maaltijd op de tafel. Ik ben verantwoordelijk voor een schoon en opgeruimd huis en een volle koelkast. Ik ben diegene die hij mama noemt, maar mijn koelkastdeur blijft leeg.

Mijn zoon is geen robot. Dan zou alles namelijk een logische reden hebben, een voorgeprogrammeerd riedeltje. Weliswaar is alles dat hij doet aangeleerd, met heel veel oefenen en ontelbare keren vallen-en-opstaan, maar de emotie en de liefde blijven uit. Emoties tonen kun je niet aanleren, emoties herkennen wel, maar het gevoel dat ze geven kun je niet nabootsen, kopiëren of faken. Zonder emotie, liefde, passie, genegenheid van je kind blijft er weinig over. Ik heb geen idee meer waar ik het allemaal voor doe. Wat als je voor al die liefde geven, geborgenheid bieden, helpen, begeleiden, ondersteunen, uitleggen, voorbereiden en grootbrengen niets terug krijgt? Wat als er geen momenten zijn waarbij je hart smelt en je alles even helemaal vergeet?

Ken je dat gevoel? Dat je zo veel van je kind houdt dat je alles voor hem doet. Dat je er niets voor terug verwacht en er ook niets voor terugkrijgt. Geen knuffel, geen tekening, geen ‘dank je, mama‘. Geen vriendelijke lach, geen schouderklopje, niets. En toch ga je door, verder, vooruit, want diep van binnen blijf je hopen op dat hele kleine sprankje emotie dat toch echt ergens diep van binnen moet zitten. Want mijn zoon is geen robot en ik weiger te geloven dat hij compleet gevoelloos is. En zo houd ik vast aan dat hele kleine sprankje hoop. Ken je dat gevoel?

Soms ben je gewoon trots

6534655-zwarte-kiezel-met-gegraveerde-bericht-liefde-geloof-hoopIk heb net een heel verhaal getypt over hoe wij onze zomervakantie overleefd hebben en alle stress die de eerste schoolweek met zich meebrengt. Mijn vinger zweefde al boven de ‘publiceren’- knop. En toch heb ik dat verhaal gewist en begin ik nu aan een ander verhaal. In plaats van lange verhalen over dingen die mijn kinderen niet kunnen, willen of doen, wil ik jullie deze keer deelgenoot maken van alles dat wel lukt.

Sam is 4 jaar. Hij is heel gevoelig en heeft moeite met het verwerken van alle prikkels die hij dagelijks krijgt. Door sensomotorische therapie in combinatie met iedere avond borst-druk-techniek is het ons gelukt om hem met de prikkels om te leren gaan. Hij is in een paar maanden tijd gegroeid naar een vrolijke kleuter die geniet van de nieuwe uitdagingen die school hem dagelijks biedt.

Hugo is 9 jaar. De diagnose ADD is inmiddels al drie jaar oud. Na een diep dal waarin hij school echt afgrijselijk vond, staat hij nu lachend in het leven en geniet hij van elke schooldag. Door nauw samen te werken met zijn leerkracht, hebben we een manier gevonden om het leren leuk te maken. Medicatie gebruikt hij alleen tijdens schooltijden om er zo voor te zorgen dat hij zich ook echt kan concentreren op zijn werkjes.
Lange tijd heeft Hugo in de schaduw van zijn oudere broer gestaan. Hij durfde zich niet of nauwelijks te verzetten tegen de boze buien van Victor. Met veel aandacht, uitleg en liefde is hij zelfverzekerder geworden en komt hij voor zichzelf op.

Victor is 12 jaar. Hij heeft het Syndroom van Asperger. Door intense begeleiding en training is hij gegroeid naar een beginnende puber die langzaam begint te begrijpen dat de wereld om hem heen net iets anders is dan zijn wereld. Hij heeft de overstap gemaakt naar speciaal onderwijs en kan eindelijk zijn energie steken in leren. De driftbuien zijn minder en beter te stoppen. Stapje voor stapje leert hij rekening te houden met anderen en

Sam is gestart in groep 1, Hugo is nu een zesde groeper en Victor is een schoolverlater. Alle drie gaan ze met plezier naar school en kunnen hun energie steken in leren en ontwikkelen. Sam en Hugo spelen veel samen. Ze bouwen, racen en lachen. Ze zoeken elkaar op en genieten van elkaars aanwezigheid. Ze zijn veel buiten en de hele dag actief. Gelukkig kunnen ze ook goed alleen spelen en met vriendjes is het altijd reuze gezellig. Hugo maakt zelfstandig zijn speelafspraken en houdt daarbij rekening met zijn eigen agenda. Ze zijn niet bang om voor hun mening uit te komen. Victor is op eigen initiatief gaan trainen bij een voetbal-club. Hier leert hij rekening houden met andere spelers, het belang van samenspel en – natuurlijk – omgaan met nederlagen en tegenslagen (hoewel ik natuurlijk hoop dat ze iedere wedstrijd winnen).

Je zou kunnen zeggen dat wij een redelijk normaal gezin zijn. En zo voelt het ook. Op deze mooie zonnige dag besef ik dat wij dit samen bereikt hebben. Door te praten, te zoeken en te vragen. Door te luisteren, te lezen en te verdiepen. Zonder vooroordelen, zonder veroordelingen. Wij hebben gezocht naar de mogelijkheden en laten ons niet afremmen door beperkingen. Wij zijn er voor elkaar en wij vechten voor elkaar. Want vechten doe ik zeker. Ik blijf vechten voor mijn gezin, ongeacht de mening van anderen. Want met liefde en aandacht bereikt je best veel. Kijk waar het ons gebracht heeft. Ik ben moeder van drie prachtige kinderen, die ieder op hun eigen manier mijn leven rijker maken.

“Life, although it may only be an accumulation of anguish, is dear to me and I will defend it.” – Mary Shelley